Oprichting

Art 1. Op 27 november 2012 werd er een vereniging zonder winstoogmerk opgericht onder de naam ‘We citizens – Wij burgers’, in het kort ‘WijBurgers’. De vereniging wordt geregeld door de wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale verenigingen zonder winstoogmerk en de stichtingen die verder ‘de Wet’ wordt genoemd.

Art. 2. De maatschappelijke zetel ervan is in 1180 Brussel gevestigd, Winston Churchill-laan 149, in het gerechtelijk arrondissement Brussel. Door een gewone beslissing van de algemene vergadering kan hij worden overgebracht naar eender welke andere plaats in België.

Art. 3. Met inachtneming van het Europees verdrag voor de Rechten van de Mens, stelt de vereniging zich tot doel het volgende in België te bevorderen:

  1. een levende democratie ten dienste van de mens
  2. het goede bestuur van de Staat
  3. de belangstelling van de burger voor de politiek
  4. uitmuntendheid inzake het beheer van het algemeen welzijn, met inbegrip van de financiële en begrotingsaspecten
  5. en een cultuur van voorkeursstemmen.

Daartoe kan de vereniging alle acties voeren om haar doel te verwezenlijken, meer bepaald:

  1. bijdragen tot een transparanter overheidsbeheer, onder meer met de publicatie van een databank van politieke mandatarissen en kandidaten alsook van instrumenten ter evaluatie van de acties van de overheid en van de mandatarissen;
  2. uitbouwen van een documentatiecentrum; uitvoeren en publiceren van allerlei onderzoeken en studies; uitgeven van allerlei verslagen of tijdschriften in verband met haar maatschappelijke doel;
  3. voorstellen van oplossingen ter verbetering van het overheidsbeheer;
  4. organiseren van vormingsactiviteiten en openbare manifestaties; informeren van burgers en instellingen inzake goed bestuur, openbaar bestuur, (directe en indirecte) fiscaliteit;
  5. samenwerken met andere Belgische of buitenlandse instellingen die vergelijkbare doelstellingen hebben en/of analoge initiatieven nemen;
  6. kopen, huren en/of uitbaten van eender welke infrastructuur en uitrusting die nuttig worden geacht om de doelstellingen van de vereniging na te streven.

Art. 4. De vereniging is pluralistisch en staat los van eender welke politieke, syndicale, godsdienstige of levensbeschouwelijke instelling. Het Handvest waarvan sprake is in artikel 34 kan concrete doelstellingen bevatten, met inbegrip van politieke keuzes. Voor de rest neemt de vereniging de grootst mogelijke neutraliteit in acht.

Het Huishoudelijk Reglement waarvan sprake is in artikel 35 voorziet in een werking in overeenstemming met de grondwettelijke federale structuur van het Land.

De leden

Art. 5. De vereniging telt twee categorieën van leden: gewone leden en toegetreden – of steunende leden. Wanneer die leden het daarvoor vereiste lidgeld betalen, kunnen ze bovendien erelid worden. Het aantal gewone leden mag niet kleiner zijn dan drie.

Art. 6. De gewone leden en de steunende leden of hun vertegenwoordigers mogen, samen met hun medewerkers en hun genodigden, deelnemen aan de vergaderingen en de activiteiten van de vereniging.

Enkel de gewone leden genieten alle maatschappelijke rechten, waaronder het stemrecht tijdens de vergaderingen.

Art. 7. Wie het lidgeld betaalt en zich kenbaar maakt door het inschrijvingsformulier in te vullen, kan steunend lid worden.

Over het aanvaarden van een gewoon lid wordt, op voorstel van de raad van bestuur, soeverein en bij gewone meerderheid beslist door de algemene vergadering, die geen rekenschap moet afleggen over haar beslissing en waartegen geen verhaal mogelijk is.

Art. 8. De leden kunnen zich altijd uit de vereniging terugtrekken. Daartoe dienen zij hun ontslag schriftelijk mee te delen aan de raad van bestuur.

Een lid dat zijn lidgeld niet betaalt binnen een maand na aanmaning, wordt als ontslagnemend beschouwd. In het geval van een gewoon lid gebeurt de aanmaning met een ter post aangetekende brief en wordt van de vaststelling akte genomen door de raad van bestuur.

Art. 9. Een lid kan slechts worden uitgesloten door de algemene vergadering en bij tweederdemeerderheid van de stemmen. In afwachting van de beslissing van de algemene vergadering, kan de raad van bestuur echter gewone en steunende leden schorsen, wanneer die in strijd met de statuten of de reglementen van de vereniging handelen.

Art. 10. Gewone en steunende leden die ontslagnemend of uitgesloten zijn, alsook hun rechthebbenden, kunnen geen enkel recht doen gelden op de maatschappelijke activa en evenmin op het lidgeld over het lopende jaar.

Art. 11. Het bedrag van het lidgeld wordt door de algemene vergadering bepaald; het mag echter niet hoger liggen dan vijfhonderd euro voor natuurlijke personen en dan tienduizend euro voor rechtspersonen.

De algemene vergadering

Art. 12. De algemene vergadering bestaat uit alle gewone leden. Ze wordt voorgezeten door de voorzitter van de raad van bestuur of, wanneer die afwezig is, door de ondervoorzitter of door de oudste bestuurder.

Art. 13. De algemene vergadering heeft volgende exclusieve bevoegdheden:

  1. het aanstellen en afzetten van de bestuurders en de commissaris of de accountant en desgevallend de vaststelling van hun bezoldiging;
  2. het verlenen van decharge aan de bestuurders en aan de commissaris of de accountant;
  3. het jaarlijks goedkeuren van de budgetten en de rekeningen;
  4. het uitoefenen van alle bevoegdheden die haar door de wet of de statuten worden verleend.

Art. 14. Alle leden worden door de raad van bestuur minstens eens per jaar in de maand mei uitgenodigd voor de algemene vergadering. De leden van de Franstalige zustervereniging worden eveneens uitgenodigd.

Elk gewoon lid heeft één stem. Het kan zich laten vertegenwoordigen door een ander gewoon lid. Geen enkele mandataris kan echter meer dan twee mandaten hebben.

De uitnodigingen worden minstens tien dagen vóór de bijeenkomst van de vergadering schriftelijk of per e-mail verstuurd. Ze bevatten de agenda. De vergadering kan enkel beraadslagen over de daarop vermelde punten.

Art. 15. Wanneer een vijfde van de gewone leden erom verzoekt, moet de algemene vergadering door de raad van bestuur worden bijeengeroepen.

Ook moet elk punt dat door een twintigste van de gewone leden naar voor wordt gebracht, op de agenda worden geplaatst.

Art. 16. De vergadering is geldig samengesteld, wanneer er minstens zeven of minstens de helft van de gewone leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Wanneer dat quorum niet wordt bereikt, kan er een nieuwe algemene vergadering met dezelfde agenda worden bijeengeroepen, die dan geen rekening moet houden met een deelnemersquorum.

Art. 17. Behalve in de gevallen waarover anders wordt bepaald door de Wet of door onderhavige statuten, worden de beslissingen genomen bij gewone meerderheid van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend. Elk lid kan een geheime stemming eisen.

Art. 18. Over het wijzigen van de statuten of het ontbinden van de vereniging kan de algemene vergadering slechts stemmen met inachtneming van de artikelen 8 en 20 van de Wet.

In geval van ontbinding van de vereniging, dient de algemene vergadering de vereffenaar(s) aan te stellen, hun bevoegdheden te bepalen en te vermelden welke bestemming er aan de nettoactiva van het maatschappelijk bezit moet worden gegeven. Die activa zullen bij voorrang bestemd zijn voor een vereniging met een gelijkaardig doel of, bij gebrek daaraan, voor een liefdadig werk dat door de algemene vergadering wordt gekozen.

Art. 19. De voorzitter stelt de secretaris van de vergadering aan. De beslissingen van de algemene vergadering worden genoteerd in een notulenregister dat wordt ondertekend voor de voorzitter en de secretaris.

De raad van bestuur

Art. 20. De vereniging wordt bestuurd door een raad die minstens bestaat uit drie bestuurders, die worden gekozen uit de gewone of de steunende leden. Het aantal bestuurders mag niet even groot zijn als het aantal gewone leden. Het mandaat duurt hoogstens drie jaar.

Wanneer er een rechtspersoon als bestuurder wordt aangesteld, moet die een vaste vertegenwoordiger aanstellen, die wordt belast met het uitvoeren van die taak in naam en voor rekening van de rechtspersoon.

Art. 21. Om de samenwerking met de Franstalige zustervereniging ‘We citizens – Nous citoyens’ te bevorderen, moet men ervoor zorgen dat minstens een vijfde van de bestuurders deel uitmaakt van beide raden van bestuur.

Indien zij gezamenlijk handelen, kunnen zij elke beslissing van de raad van bestuur gedurende hoogstens één maand blokkeren. De zustervereniging wordt zo in staat te gesteld om haar commentaar te geven vóór de definitieve beslissing.

Onverminderd andere, eventueel in het Huishoudelijk Reglement ingeschreven maatregelen om de activiteit van beide verenigingen te coördineren, kunnen de gemeenschappelijke bestuurders door een gezamenlijk optreden eisen dat beide raden van bestuur een gezamenlijke vergadering houden.

Art. 22. Wanneer het aantal bestuurders als gevolg van een ontslag, van het einde van een mandaat of van een afzetting, kleiner wordt dan drie, dan blijven de bestuurders hun mandaat uitoefenen tot ze worden vervangen. De handelingen in verband met de aanstelling in en het beëindigen van de functie van bestuurder, houden rekening met de voorwaarden waarvan sprake in artikel 9 van de Wet.

Art. 23. De raad stelt onder zijn leden een voorzitter en eventueel een ondervoorzitter aan, alsook een penningmeester of een gedelegeerd bestuurder en een secretaris. Wanneer de voorzitter verhinderd is, worden zijn functies door de ondervoorzitter waargenomen of, bij gebrek daaraan, door een bestuurder die daartoe door de andere bestuurders wordt aangesteld.

Art. 24. In overeenstemming met het Huishoudelijk Reglement kan de raad van bestuur op geldige wijze schriftelijk beraadslagen, alsook tijdens vergaderingen die door de voorzitter of door twee bestuurders worden bijeengeroepen.

Over punten die niet op de agenda staan, kan de raad van bestuur slechts geldig beraadslagen en beslissen, wanneer alle leden op de vergadering aanwezig zijn en hun instemming geven.

Art. 25. Op de vergaderingen moet de meerderheid van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Een bestuurder kan zelfs per gewone brief, telegram, telefax of e-mail aan een andere bestuurder volmacht geven om hem op de vergadering te vervangen en om te stemmen in zijn plaats.

De beslissingen van de raad van bestuur worden genomen bij meerderheid van de door de aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter of van de bestuurder die hem vervangt, doorslaggevend.

Art. 26. Nadat de notulen van de beraadslagingen zijn goedgekeurd door de raad van bestuur, worden ze ondertekend door de voorzitter en de secretaris. Voor die goedkeuring kan men steeds gebruik maken van de schriftelijke procedure.

Art. 27. De raad van bestuur is bevoegd voor alle handelingen die in de ruimst mogelijke zin verband houden met het maatschappelijke bestuur. Hij vertegenwoordigt de vereniging bij alle gerechtelijke en buitengerechtelijke handelingen. Hij kan alle bestuurlijke en beschikkende handelingen stellen: meer bepaald kan hij, zelfs kosteloos, eender welk roerend of onroerend goed verwerven of vervreemden, hypotheken verlenen of lichten, ontlenen en uitlenen, daden van koophandel stellen en bankverrichtingen uitvoeren. Alle handelingen die door de Wet of door onderhavige statuten niet uitdrukkelijk zijn voorbehouden aan de algemene vergadering, behoren tot de bevoegdheid van de raad van bestuur.

Art. 28. De raad van bestuur kan op zijn eigen verantwoordelijkheid het dagelijks beheer van de vereniging delegeren aan een van zijn leden, die wordt aangesteld tot gedelegeerd bestuurder. Die taak kan worden gecumuleerd met die van penningmeester of kan deze laatste vervangen. De delegering gebeurt in principe voor de duur van het bestuurdersmandaat, maar ze kan op eender welk moment worden opgeheven door de raad van bestuur. Het Huishoudelijk Reglement kan de omvang van de delegering nader bepalen.

Art. 29. Behoudens een speciale delegering door de raad, worden de handelingen die de vereniging binden en die niet tot het dagelijks beheer behoren, ondertekend door twee bestuurders, die hun bevoegdheid niet ten aanzien van derden hoeven te verantwoorden. Die bestuurders mogen rechtmatig slechts handelingen ondertekenen, waarover de raad van bestuur vooraf heeft beslist. Zo niet brengen de bestuurders hun persoonlijke aansprakelijkheid in het geding.

Art. 30. In hoofde van hun functie nemen de bestuurders geen enkele persoonlijke aansprakelijkheid op zich en ze zijn slechts aansprakelijk voor de uitoefening van hun mandaat.

De mandaten van bestuurder en accountant zijn onbezoldigd. Wanneer een bestuurder echter wordt belast met een delegering die speciale of permanente prestaties omvat, kan de raad van bestuur hem een bezoldiging toekennen.

De rekeningen

Art. 31. Het maatschappelijk boekjaar vangt aan op 1 januari en eindigt op 31 december. In afwijking van voorgaande bepaling vangt het eerste maatschappelijk boekjaar aan op de oprichtingsdatum van de vereniging en eindigt het op 31 december 2013.

Art. 32. Elk jaar legt de raad van bestuur de rekeningen van het afgelopen boekjaar en het budget voor het volgende boekjaar ter goedkeuring voor aan de algemene vergadering. Zij moet de jaarrekeningen en de andere in de wet vermelde documenten binnen dertig dagen na de goedkeuring ervan indienen bij de griffie van de rechtbank van koophandel of, indien artikel 17 §6 van de Wet dat voorschrijft, bij de Nationale Bank van België.

Art. 33. De algemene vergadering stelt een commissaris of een accountant aan om de financiële toestand en de jaarrekeningen van de vereniging te controleren en daarover verslag uit te brengen. Die wordt voor maximum drie jaar aangesteld en kan opnieuw worden benoemd. Wanneer de algemene vergadering geen bedrijfsrevisor aanstelt en wanneer de Wet haar daar niet toe verplicht, wordt er een gewoon of steunend lid als accountant aangesteld.

Andere bepalingen

Art. 34. De raad van bestuur kan een Huishoudelijk Reglement en een Handvest voorleggen aan de algemene vergadering, dewelke die bij gewone meerderheid van de aanwezige of vertegenwoordigde gewone leden kan goedkeuren.

Art. 35. Het Huishoudelijk Reglement kan meer bepaald de manier vaststellen waarop de kandidaturen voor bestuurder of gewoon lid worden ingediend, het kan de bevoegdheden van de raad van bestuur en van de gedelegeerd bestuurder toelichten, het nemen van beslissingen volgens de schriftelijke procedure vastleggen, de operationele organen van de vereniging creëren en de werking ervan beschrijven, alsook de onverenigbaarheden vaststellen.

Art. 36. Politieke mandatarissen of kandidaten kunnen geen lid zijn van de raad van bestuur.

Art. 37. Het register van de gewone leden en van de notulen van alle organen van de vereniging wordt op de maatschappelijke zetel van de vereniging bewaard. Daar kunnen alle leden het raadplegen. Een uittreksel van de beslissingen zal worden gestuurd naar alle derden die daarom verzoeken, op voorwaarde dat ze daadwerkelijk belang kunnen doen gelden.

Art. 38. Alles waarin onderhavige statuten niet uitdrukkelijk voorzien, wordt geregeld door de, eventueel gewijzigde, Wet van 27 juni 1921, door de algemeen van toepassing zijnde wetsbepalingen, door het Huishoudelijk Reglement of door de gebruiken die daarop eventueel betrekking hebben.

Toelichting op Art. 3

Het beheer van de Staat wordt in de ruime zin van het woord bedoeld. Het omvat de organisatie en de werking van de Staat op alle bevoegdheidsniveaus, alsook de fiscaliteit, die de Staat de middelen voor zijn beleid bezorgt.

Het streven naar uitmuntendheid inzake openbaar bestuur is inzonderheid gebaseerd op de artikelen 14 en 15 van de Verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger (uit 1789):

Art. 14: Alle burgers hebben het recht zelf of door hun vertegenwoordigers de noodzaak van een openbare belasting te onderzoeken, haar goed te keuren, de aanwending ervan te controleren en haar onderdelen, grondslag, invordering en duur te bepalen.

Art. 15: De maatschappij heeft het recht aan iedere openbare ambtenaar rekenschap te vragen voor zijn bestuur.

De ‘cultuur van voorkeursstemmen’ houdt een sterke verwijzing naar de persoonlijke verantwoordelijkheid van de politici in. Ze gaat tegen een zekere tendens in waardoor de verantwoordelijkheden binnen de instellingen tot abstracties verwateren. Het is in de geest van de politici dat de aan de instellingen gegeven beleidslijnen ontstaan. Burgers kunnen personen, méér dan partijen, politiek belonen/straffen.